Ziekenhuis moet extra advocaatkosten vergoeden: wat leert deze deelgeschilbeschikking over BGK?

In medische aansprakelijkheidszaken gaat het vaak over de grote vragen: is het ziekenhuis aansprakelijk, wat is de oorzaak van het letsel en welke schade moet worden vergoed? Maar in de praktijk kan een zaak ook vastlopen op iets dat minder spectaculair lijkt: de buitengerechtelijke kosten (BGK) van de belangenbehartiger. Precies dat gebeurde in een langlopende zaak die uitmondde in een deelgeschil bij de Rechtbank Rotterdam. 

De kern: het ziekenhuis (via verzekeraar MediRisk) had aansprakelijkheid erkend voor een medicatieverwisseling rond een bevalling, maar niet voor andere verwijten, waaronder discussie over de reanimatie. MediRisk vergoedde daarom slechts een deel van de advocaatkosten. De rechtbank zet daar een duidelijke streep door: zo’n korting kan niet zomaar, zeker niet als de werkafspraken tussen verzekeraar en kantoor daar geen basis voor bieden. 

Deelgeschil als tegenverzoek naast een voorlopig deskundigenbericht 

Opvallend aan deze procedure is de route. Het deelgeschil startte niet als zelfstandige procedure, maar werd ingediend als tegenverzoek in een al lopende procedure over een voorlopig deskundigenbericht. De rechtbank accepteert dat. Het geschil over de BGK vormde namelijk een concrete belemmering voor een minnelijke regeling. Dan is een deelgeschil juist bedoeld om één knelpunt door te hakken, zodat partijen verder kunnen onderhandelen. 

Dit is relevant voor de praktijk: een voorlopig deskundigenonderzoek en een deelgeschil kunnen naast elkaar lopen. Het ene traject ziet op medische en causale vragen, het andere kan worden ingezet om een vastgelopen kosten- of aansprakelijkheidsdiscussie te ‘ontstoppen’. 

Voorschot op schade: toegezegd is toegezegd 

De ouders (ook namens hun minderjarige dochter) vroegen onder meer om een voorschot op de schade van 25.000 euro. De rechtbank wijst dat verzoek af, maar niet omdat het voorschot onredelijk zou zijn. Reden: het ziekenhuis had in de procedure al onvoorwaardelijk toegezegd het bedrag uit coulance te betalen. Daarmee ontbreekt het procesbelang bij een veroordeling. 

Belangrijk om te onthouden: een toezegging kan de juridische noodzaak van een beslissing wegnemen, maar zegt nog niets over de inhoudelijke aansprakelijkheid voor alle verwijten of over de uiteindelijke schadeafwikkeling. 

Werkafspraken, voorschottarieven en de discussie over ‘twee derde’ 

Het grootste deel van de beschikking gaat over de vraag hoe de BGK moeten worden vergoed. Er lagen werkafspraken tussen het kantoor en MediRisk over voorschottarieven en de manier van declareren gedurende de looptijd van een zaak. In die afspraken zat ook het uitgangspunt dat bij schulddeling ‘naar rato’ wordt vergoed. 

MediRisk probeerde de discussie over gedeeltelijk erkende aansprakelijkheid feitelijk te vertalen naar een korting op de kosten: slechts twee derde vergoeding. De rechtbank volgt dat niet. Dit is volgens de rechtbank geen schulddeling in de zin van de werkafspraken. Er was geen grondslag om een deel van de kosten bij de benadeelden te laten, alleen omdat er (nog) discussie bestaat over andere verwijten naast de erkende medicatiefout. 

Resultaat: aanvullende vergoeding BGK aan advocaat 

De rechtbank rekent vervolgens de vergoeding uit op basis van de uren en de voorschottarieven. Dat bedrag wordt toegewezen als aanvullende buitengerechtelijke kosten voor de advocaat. 

Kosten rond verweer in deskundigenprocedure: niet automatisch ‘kosten deelgeschil’ 

Daarna komt een tweede, praktisch belangrijk onderscheid. De ouders vroegen ook vergoeding van kosten die samenhangen met het verweer in de voorlopige-deskundigenprocedure. De rechtbank is helder: kosten van verweer in een voorlopig deskundigenbericht vallen niet onder de kosten van het deelgeschil (art. 1019aa Rv). ‘Kosten deelgeschil’ zijn alleen de kosten die echt zien op het deelgeschil zelf. 

Betekent dit dat die uren per definitie buiten de boot vallen? Nee. De rechtbank beoordeelt of (een deel van) die kosten langs de route van art. 6:96 lid 2 BW als BGK voor vergoeding in aanmerking kan komen. Daar zit wel een beperking: vergoeding als BGK ligt in deze fase alleen voor de hand voor zover aansprakelijkheid vaststaat of is erkend. Omdat het ziekenhuis slechts deels aansprakelijkheid erkent, kan niet alles worden toegewezen. De rechtbank schat daarom welk deel van de werkzaamheden ziet op het erkende onderdeel (de medicatieverwisseling) en kent daarvoor 5.324,00 euro (inclusief btw) toe aan de advocaat van de benadeelde. 

Kosten deelgeschil: matiging van uren 

Tot slot begroot de rechtbank de kosten van het deelgeschil zelf. Omdat de uren niet strak waren uitgesplitst, stelt de rechtbank schattenderwijs vast wat redelijk is. Voor het opstellen en behandelen van het deelgeschil acht de rechtbank 12,5 uur tegen 275 euro per uur (plus btw) passend, plus 331 euro griffierecht. Totaal: 4.490,38 euro. Ook dat bedrag moet het ziekenhuis betalen. 

Gaat dit ook over schadevergoeding? 

Nee. Deze beschikking gaat niet over smartengeld of andere schadeposten. Wel speelt op de achtergrond mee dat een voorschot van 25.000 euro was toegezegd. De echte inhoudelijke afwikkeling van de schade blijft dus buiten beeld; het draait hier om kosten, procedurele afbakening en de vraag wanneer een verzekeraar wel of niet korting mag toepassen op BGK.